Elektriciteit

 
 

Home

Wat is elektriciteit

Het begin

Volt/ampère

Schakelingen

Magnetisme

Batterijen

Net/opwekken

Veiligheid

Proefjes

Wie zijn wij?

Quiz
Elektriciteit.jpg

 
 
Net en Opwekkken
 

Het elektriciteitsnet wordt gebruikt voor het ‘vervoeren’ van elektrische
energie vanaf elektriciteitscentrales en
tussen distributienetwerken (een distributienetwerk is een soort pakhuis voor
elektriciteit). Het vervoer gebeurt
meestal boven de grond door hoogspanningsmasten. Het verbindingsstuk van de
netwerken is in een
verdeelstation, waar de spanning wordt veranderd naar een lagere waarde.

Bij het vervoeren van eenzelfde kracht is bij een 10 keer zo hogere spanning de stroom 10 keer zo laag, waardoor
de kabels dunner kunnen zijn of waardoor bij gelijke kabeldikte de verliezen in het net 100 keer zo laag zijn.

In speciale stations wordt de spanning veranderd naar een lagere waarde. De spanning wordt aangegeven in kilovolt (KV).









 

----------------------------------------------------------------------------------------------------

Dynamo.

Een fietsdynamo is een dynamo op een fiets. Meestal is een dynamo
bevestigd aan de voorvork om te worden aangedreven door het voor-
wiel.
De fietsverlichting kan branden door de dynamo op de fietsband te zetten
en het wiel in beweging te zetten. Een deel van het vermogen dat iemand al
trappend toevoert aan de dynamo wordt gebruikt voor de verlichting.
Voor- en achterlicht zijn parallel geschakeld.
Een normale fietsdynamo levert 6 volt wisselstroom bij ongeveer 0,5 ampère,
dat is ongeveer 3 watt.

Hoe werkt een dynamo?

De meeste fietsen hebben een lamp met een dynamo.
Als je fietst, gaat de magneet in de dynamo draaien.

Hierdoor word de stroom opgewekt om je lamp te laten branden.

Zo word de stroom opgewekt.

Als je langzaam fietst, draait je wiel langzaam, en je dynamo ook.
Zo word er bijna geen elektriciteit opgewekt, en schijnt je lamp niet zo heel erg helder.
Hoe harder je trapt hoe meer elektriciteit er komt.

 

Energie van de zon

Bijna alle energie komt van de zon. Elke dag verwarmt en verlicht de zon de aarde. Om uit de zon energie te halen gebruiken we zonnepanelen. Om energie uit zonnepanelen te halen moet het aansluiten aan het netwerk. Zonnepanelen geven ook energie als de zon niet schijnt. Een zonnepaneel van zo’n 1,5 bij 0,8 levert 8o/120 kWh per jaar op. Zonnepanelen kun je tegenwoordig zelf op het dak installeren.

Water energie

Waterkracht is de naam voor energie die wordt gemaakt van water. Nu is bijna alle waterkracht elektrisch; in het verleden werd de opgewekte mechanische energie ook wel meteen gebruikt, bijvoorbeeld in een watermolen. Riviercentrales staan op de Maas in Andenne, Neuville, Monsin. Een stuwdam kan smelt- en regenwater opvangen in een meer. Een stuwdamcentrale levert vooral bij grote hoogteverschillen (Noorwegen, Zwitserland, Frankrijk) veel vermogen. De capaciteit van de centrales op de Vesder, de Gileppe en de Warche is klein. Bij een pompcentrale of spaarbekkencentrale wordt water in de daluren opgepompt naar hoger gelegen bekkens. Tijdens de piekuren stroomt het water terug en drijft de turbines aan. Pompcentrales staan in Vianden, Coo-Trois-Ponts en Silenrieux.

Wind energie

Wind is bewegend lucht. Van bewegend lucht kunnen we bewegingsenergie maken. Bewegingsenergie is een soort van energie die dingen kan laten bewegen. Vroeger werd windenergie met windmolens direct omgezet in kracht. Nu wordt windenergie vooral gebruikt voor de elektrische energie die met een serie windmolens uit de wind gewonnen wordt. Het gebruik van windenergie heeft voor- en nadelen. Enkele voordelen zijn dat het niet opraakt en dat het schone stroom levert. Schone stroom betekent dat het geen vervuiling of afval nalaat. Wind energie heeft ook een aantal nadelen. Zo is er niet altijd wind en als het niet waait kan je ook geen windenergie opwekken. Verder kan je niet overal windmolens neerzetten omdat dat de vliegroutes van vogels kan verstoren.